M C K
Medisch Centrum Kester
 
 
 
Afbeelding van Kindertandheelkunde
 

Kindertandheelkunde

 
Mijn kind is heel bang, wat moet ik doen?
Vooral niet te veel. Heel vaak denken ouders dat er van te voren heel veel moet gebeuren, maar vaak is het omgekeerde waar. Kinderen kunnen door allerlei oorzaken bang geworden zijn voor de tandarts, maar bij hun verdere behandeling zijn ze vooral gebaat bij rust en een overzichtelijke behandeling die niet nodeloos wordt uitgesteld.

Hoe moet ik mijn kind voorbereiden op een afspraak?
U kunt uw kind het beste voorbereiden door gewoon in uw eigen woorden te vertellen wat de tandarts gaat doen. Voor die voorbereidende uitleg gelden een paar algemene principes.

Als u die aanhoudt voorkomt u veel nodeloze spanningen bij uw kind.

Vertel wat er gaat gebeuren en laat weg wat er (nog) niet gebeurt. Kinderen verdienen een eerlijke uitleg. Ze hebben recht om te weten wat ze gaan meemaken. Het eerste doel is dat het kind zich op zijn gemak voelt. Bij alle nieuwe dingen wil uw kind eigenlijk weten of het veilig is. Als ze van tevoren horen wat er gaat gebeuren, zullen ze het er lang niet altijd mee eens zijn. Ze willen niet of ze zijn bang voor het onbekende. Dat is niet erg. Ze moeten ook leren dat iets waar is, gewoon omdat u zegt dat het zo is. Maar aan de andere kant, hoeven we ze ook niet nodeloos zenuwachtig te maken. Als een kind gewoon nieuwsgierig is wat er gaat gebeuren bij de kindertandarts en het wordt dan bedolven onder toevoegingen dat iets geen pijn doet of niet eng is, dan bestaat de kans dat het juist daardoor nerveus wordt. Er worden dan dingen naar voren gehaald die helemaal niet nodig waren. Mocht een onderdeel eng of pijnlijk zijn, dan zal de tandarts dat zeker zelf vertellen. Hij moet tenslotte ook eerlijk zijn!

Kies zelf het tijdstip waarop u het bezoek aan de tandarts aankondigt. Het ene kind is van tevoren veel zenuwachtiger dan het andere. U kunt dat zelf het beste inschatten omdat u het ongetwijfeld al talloze keren heeft meegemaakt. Soms heeft een kind een week nodig om zich voor te bereiden, terwijl u horendol wordt van alle vragen die ze kunnen verzinnen. Aan de andere kant moeten sommigen het echt pas een uurtje van tevoren horen omdat ze letterlijk ziek van angst kunnen zijn.

Als uw kind u iets vraagt over de behandeling en u weet het niet, zeg dat gewoon en stel voor dat aan de tandarts te vragen. Kinderen leren van de informatie die ze krijgen. En als ze meer willen weten vragen ze erom. Soms vragen ze meer dan u weet of meer dan u wil zeggen. Dat kan gebeuren als uw kind vraagt of boren pijn doet. En als u nu toevallig als een berg opziet tegen de tandarts en het enige dat u zich kunt herinneren een hele pijnlijke ervaring van tien jaar geleden is? Wat moet u dan zeggen? Moet u zeggen wat u zelf heeft meegemaakt? U kunt er dan ook voor kiezen om te zeggen dat zoiets voor iedereen verschillend is en dat het u een goed idee lijkt om dat nu eens samen aan de tandarts te gaan vragen. Het is altijd goed om zo’n vraag op een rustige, bijna terloopse, manier te beantwoorden.

Het is al eerder gezegd: u moet eerlijk zijn en uw kind niet nodeloos alarmeren. Als uw kind erg zenuwachtig is, moet u het eerst geruststellen en eventueel later pas een beloning geven als het afgelopen is. Als u eerst een cadeautje belooft, werkt dat niet geruststellend. Hooguit gebeurt het omgekeerde. Het kind kan tot de conclusie komen dat er iets ergs staat te gebeuren, juist omdat er vooraf al wat beloofd wordt. Iets beloven van tevoren stelt uw kind bepaald niet gerust en achteraf moet u in elk geval uw belofte houden, anders zal het als straf ervaren worden.

Tijdens de behandeling is dat vooral een taak voor de tandarts om de onderdelen rustig aan te kondigen of uit te leggen. De tandarts zal uiteindelijk moeten zeggen wat hij doet en doen wat hij zegt. Dat geeft uiteindelijk een vaste structuur aan de behandeling en dat helpt kinderen om te wennen aan de tandarts. Van tevoren kunt u die rust geven door te herhalen wat de tandarts heeft verteld (zoals de eerste keer: alleen praten en kijken) en met de onderstaande punten terdege rekening te houden :

beloof niets wat u of de tandarts niet waar kan maken. Bange of zenuwachtige kinderen proberen allerhande toezeggingen los te krijgen (Gaat hij niets doen? Krijg ik geen prik?). Het kan heel goed zijn dat die dingen inderdaad niet gaan gebeuren, maar het is lang niet zeker en eenmaal beloofd kan zo’n belofte de tandarts ernstig frustreren als hij daadwerkelijk wil behandelen.

stel de afspraken niet nodeloos uit. Als een kind echt bang is voor de tandarts zal het van alles proberen om er onderuit te komen. Sommige kinderen zijn vooraf zelfs letterlijk doodziek. In zo’n geval zal uitstel maar een tijdelijke oplossing zijn. Onderzoek geeft aan dat uitstel kort helpt maar de angst op den duur, bijvoorbeeld de volgende keer, in nog ergere mate terug komt.

maak uw kind niet in de war. Spreek vooraf goed met de tandarts door wat er moet gebeuren, wat u zelf zegt en wat u aan de tandarts overlaat. Anders loopt u het risico dat u verschillende dingen zegt en dat maakt uw kind onrustig. Het zal er alleen maar zenuwachtiger van worden

En na de behandeling?
Prijzen, steunen en belonen. Vertel dat het goed gegaan is (ook al was u misschien helemaal niet zo tevreden over uw kind), geef een beloning (als de tandarts dat al niet gedaan heeft) en bewonder het werk dat uw kind heeft laten doen (ook al ziet u niet precies wat er nu gebeurd is). Daardoor steunt u het kind en bevestigt u dat het echt een prestatie geleverd heeft. Ook als de behandeling een belasting was voor uw kind wil het graag horen dat het goed zijn best heeft gedaan. Natuurlijk verdient een kind dat net heel erg zijn best heeft gedaan of een inspanning heeft geleverd een extra knuffel of moet zelfs getroost worden als er iets naars was (bv. een kies trekken). Maar in de regel werkt het beter om dit kort te houden en iets leuks te gaan doen in plaats van uitgebreid samen te huilen hoe erg het was en te beloven dat u er persoonlijk op toe zal zien dat dit nooit meer gebeurt.

Fluoride voorkomt gaatjes in tanden en kiezen.
Het gebruik van fluoride voorkomt dat er gaatjes in tanden en kiezen ontstaan. In de meeste tandpasta’s zit daarom fluoride. Tandenpoetsen wordt momenteel gezien als de beste manier om fluoride te gebruiken. Vanaf het moment dat kinderen de eerste tandjes krijgen, is het daarom belangrijk dat met fluoride-tandpasta wordt gepoetst. Geadviseerd wordt voor kinderen tot 5 jaar een speciale peutertandpasta te gebruiken.
In peutertandpasta zit minder fluoride dan in tandpasta voor volwassenen. Vanaf het vijfde jaar kan gepoetst worden met ‘gewone’ tandpasta voor volwassenen.

Fluoride poetsadvies:
0 t/m 1 jaar : vanaf het doorbreken van de eerste tandjes: 1 keer per dag poetsen met fluoride-peutertandpasta.
2, 3 en 4 jaar : 2 keer per dag poetsen met fluoride-peutertandpasta.
5 jaar en ouder : 2 keer per dag poetsen met fluoride-tandpasta voor volwassenen.

Hoe herkent u de juiste fluoride-tandpasta?
Peutertandpasta is te herkennen aan de tubes. Op tube staat dat het een peutertandpasta is en/of de leeftijd is vermeld. Vrijwel alle peutertandpasta’s bevatten een fluorideconcentratie van 500 tot 750 ppm (ppm= parts per million). Tandpasta’s voor volwassenen bevatten een fluorideconcentratie van 1.000 tot 1.500 ppm.

Geen fluoridetabletjes meer
Tot nu toe kregen ouders het advies om hun peuters tot en met vier jaar fluoridetabletjes te geven. Dat advies is nu vervangen. Poetsen met fluoride-peutertandpasta volgens het nieuwe Fluoride Poetsadvies is voldoende. In uitzonderlijke omstandigheden kan de tandarts u toch adviseren uw peuter of kind naast het poetsen ook tabletjes te geven. Gebruik fluoridetabletjes daarom voortaan alleen als uw tandarts dat voorschrijft.
 

Reacties

 
 

Deel deze pagina